Doneer nu

100-plus onderzoek

Hendrikje van Andel-Schipper stierf op 115-jarige leeftijd zonder dat ze ooit verschijnselen van dementie vertoonde. Haar moeder werd 100 jaar en ook zij was tot het eind zeer helder. Zo zien we vaker dat ouderdom zonder dementie voorkomt binnen families. Zijn deze mensen misschien genetisch beschermd tegen dementie? Kunnen we hiervan leren hoe we anderen ook tegen de ontwikkeling van dementie kunnen beschermen?

Om deze vragen te beantwoorden is het 100-plus Onderzoek opgezet vanuit een samenwerking tussen Alzheimercentrum Amsterdam en de afdeling Klinische Genetica van het Amsterdam UMC. We verzamelen het erfelijk materiaal van gezonde 100-plussers zonder dementie. Om zo veel mogelijk te weten te komen over de bijzondere eigenschappen van dit erfelijk materiaal wordt het DNA van deze bijzondere mensen in zijn geheel in kaart gebracht en met elkaar vergeleken. Dit vereist nieuwe geavanceerde DNA- analyse technieken die niet standaard worden gebruikt. In samenwerking met de TU Delft worden hier speciale software pakketten voor ontwikkeld.

Als we eenmaal aanwijzingen hebben welke erfelijke factoren beschermen tegen dementie willen we onderzoeken op welke manieren deze factoren zich anders gedragen in mensen die wel dementie ontwikkelen. Uiteindelijk willen we bepalen hoe deze factoren/mechanismen naar het gunstige effect kunnen leiden in de hersenen van mensen die geen dementie ontwikkelen. Deze kennis zou uiteindelijk weer kunnen leiden tot behandeling van patiënten met dementie.

Waar zijn 100-plussers geboren

Hoe werkt ons erfelijk materiaal?

Het menselijk erfelijk materiaal bestaat uit vele kleine moleculen die als een kralenketting aan elkaar geregen zijn. Deze kralenketting noemen we het “DNA”. Ieder van die kleine moleculen draagt bij aan de informatie over hoe de organen moeten functioneren, maar ook over bijvoorbeeld hoe de neus of de mond gevormd moeten worden.

De kralen in de DNA-ketting zijn vergelijkbaar met de letters in een boek die gezamenlijk een verhaal vormen over hoe het lichaam werkt waarbij de afzonderlijke woorden uit het verhaal ieder een beetje informatie in zich dragen. Deze woorden noemen we de “genen”.

Er is ontzettend veel informatie nodig om een menselijk lichaam te doen functioneren. Het menselijke DNA is dan ook heel complex: iedereen krijgt 3 miljard letters van de vader en 3 miljard letters van de moeder. Erfelijke eigenschappen zoals de specifieke mond- of neusvorm worden veroorzaakt door specifieke variaties van de letters in het DNA-boek. De vorm van uw neus kan heel erg op de neus van een van uw ouders lijken; u heeft immers de letters die de neusvorm beschrijven van uw ouders gekregen! Zo zijn er ook specifieke variaties in het DNA-boek afkomstig van uw ouders die invloed hebben op het risico voor het ontwikkelen van sommige ziektes. Deze variaties noemen we “genetische varianten”.

Hoe onderzoeken we het erfelijk materiaal?

Om zo veel mogelijk te weten te komen over de bijzondere eigenschappen van het erfelijk materiaal van 100-plussers zonder dementie brengen wij het DNA van deze bijzondere groep mensen in zijn geheel in kaart en vergelijken we de gegevens onderling. Zo kunnen we varianten opsporen. Dit proces gaat als volgt:

  • We isoleren het DNA uit de bloedcellen: door bloed te prikken hebben we toegang tot het erfelijk materiaal.
  • Een machine leest het volledige DNA letter voor letter af. Het uiteindelijke DNA-boek wordt opgeslagen in een grote computer.
  • We vergelijken het DNA van mensen die oud zijn geworden zonder dementie met het DNA van mensen die wel dement zijn geworden. Zo hopen we genetische varianten op te sporen die beschermend zijn. Hiervoor gebruiken we computerprogramma’s die in staat zijn genetische varianten te vinden die WELin alle gezonde ouderen voorkomen maar NIET in de mensen die dementie krijgen.
  • Als we genetische varianten gevonden hebben, onderzoeken we in welke woorden deze voorkomen. Om dit te achterhalen bekijken we welke woorden afgelezen worden in de hersencellen: genetische varianten in deze woorden zijn voor ons interessant.

Om te begrijpen wat er mis gaat in de hersenen bij dementie is het heel belangrijk dat we te weten komen wat de samenstelling van de woorden moet zijn om ervoor te zorgen dat het niet misgaat. Deze samenstelling hopen we te vinden in het erfelijke materiaal en in de hersenen van 100-plussers zonder dementie.

Kijken in het hersenweefsel

Wanneer we weten welke erfelijke factoren van gezonde 100-plussers anders zijn dan die van dementiepatiënten, willen we vervolgens ook weten hoe deze erfelijke elementen in gezonde 100-plussers anders functioneren dan in dementiepatiënten. Daarvoor moeten we het hersenweefsel onderzoeken. Hiervoor willen wij de neuropathologie van 100-plussers zeer uitgebreid in kaart brengen en vergelijken met de neuropathologie van dementiepatiënten.

Vervolgstudie

Zodra we weten welke moleculaire mechanismen ervoor zorgen dat de hersenen gezond blijven, kunnen we medicijnen ontwikkelen die het effect hiervan nabootsen. De ontwikkeling van zo’n medicijn is een vervolgstudie, los van het huidige 100-plus Onderzoek, uitgevoerd door mensen die verstand hebben van de werking van verschillende medicijnen op de hersenen.

Hoe lang duurt het onderzoek?

Al met al is het 100-plus Onderzoek heel uitgebreid. Er zijn veel mensen bij betrokken en het zal lang duren voordat we antwoorden op onze vragen hebben. Voor het onderzoek zijn we op zoek naar in ieder geval 500 honderdplussers. Zodra er 500 honderdplussers deelnemen, is het bestuderen van alle verzamelde gegevens al in volle gang. Hoe lang dat zal duren is verschillend voor iedere vraagstelling. We vermoeden dat we nog vele jaren nodig hebben om alle gegevens op de juiste wijze te interpreteren. Onze onderzoeksresultaten zullen we kenbaar maken in de media en als publicaties in wetenschappelijke tijdschriften. Zie hieronder bij het kopje publicaties.

U bent 100 jaar of ouder en niet dement

Bent u 100 jaar of ouder en werkt u bijvoorbeeld nog graag in de tuin? Doet u vaak aan gymnastiek of rijdt u nog auto? Bent u graag onder de mensen? Volgt u het nieuws iedere dag?

Om deel te nemen aan het 100-plus Onderzoek hoeft u uiteraard niet aan alle bovenstaande criteria te voldoen. Het belangrijkste criterium voor deelname is dat u 100 jaar of ouder bent en dat u daarbij géén verschijnselen van dementie vertoont.

Eerstegraads familieleden

De hoeksteen van het 100-plus Onderzoek wordt gevormd door de mensen die 100 jaar of ouder zijn en niet dement. We weten dat erfelijkheid een zeer belangrijke rol speelt bij het behoud van een heldere geest tot op hoge leeftijd. Om zo veel mogelijk informatie te verzamelen over de eigenschappen die nodig zijn om oud te worden zonder dementie, hebben we vanaf medio 2017 ons onderzoek uitgebreid. We zouden nu ook graag in contact komen met:

  • Broers en zussen van de 100-plussers die deelnemen aan ons onderzoek. Zij mogen jonger zijn dan 100 jaar.
  • Kinderen van de 100-plussers. Zij hebben de helft van de erfelijke factoren van hun 100-jarige ouder.

Heeft u een ouder, broer of zus die ouder is dan 100 jaar, dan komen wij graag in contact met u.

Partners

Om te achterhalen welke eigenschappen de 100-plussers (en hun familieleden) hebben die zorgen voor het behoud van de hersenfuncties, moeten we deze vergelijken met de eigenschappen van mensen uit andere families. Ofwel: we moeten een geschikte “controlegroep” samenstellen. Hiervoor komen de aangetrouwde familieleden van de 100-plussers heel goed in aanmerking:

  • partners van de 100-plussers
  • partners van de broers/zussen van de 100-plussers
  • partners van de kinderen van de 100-plussers

Partners e familie 100-plusser

Jonger dan 100, maar wel oud?

Het komt vaak voor dat mensen die de leeftijd van 100 jaar nog niet bereikt hebben ons benaderen om deel te nemen aan het 100-plus Onderzoek. Wegens de strikte inclusiecriteria van het onderzoek is het voor hen helaas nog niet mogelijk deel te nemen. Wij vragen hen vriendelijk zich opnieuw aan te melden na hun 100e verjaardag.

Een uitzondering op deze regel is van toepassing wanneer u broers/zussen heeft die de leeftijd van 100 jaar wel hebben bereikt (zie Eerstegraads familieleden).

Informatiemateriaal thuis ontvangen

Wij sturen u graag de papieren versie van het informatiemateriaal toe voor uzelf, of grotere hoeveelheden ter verspreiding. U kunt een e-mail sturen naar 100plus@vumc.nl om het informatiemateriaal bij ons aan te vragen.

Nieuwsbrief

Eenmaal per jaar verschijnt in de zomer een nieuwsbrief over het 100-plus Onderzoek. Mocht u deze willen ontvangen, dan kunt u contact met ons opnemen of mailen naar 100plus@vumc.nl. De nieuwsbrief van de zomer 2019 kunt u downloaden door op de afbeelding van de Nieuwsbrief hieronder te drukken.

Nieuwsbrief 100-plusonderzoek

Wilt u meedoen aan ons onderzoek, dan kunt u contact met ons opnemen. Wij nemen graag de tijd voor u om eventuele vragen over het onderzoek te beantwoorden. Indien mogelijk betrekken we ook de familieleden en/of naasten van 100-plussers bij de besprekingen over eventuele deelname aan het onderzoek.

Onze contactgegevens zijn:

100plus@vumc.nl
020444 5276

Postadres

Alzheimercentrum Amsterdam
T.a.v. 100-plus onderzoek
Postbus 7057
1007 MB Amsterdam

Wij komen naar u toe

Indien u besluit om aan het onderzoek deel te nemen, dan maken wij twee afspraken waarbij wij u thuis bezoeken. Tussen deze afspraken zit ongeveer een week. Wij stellen het op prijs als één of meerdere kinderen/familieleden bij onze bezoeken aanwezig zijn. Op deze wijze kunnen we alle onderdelen van het onderzoek uitleggen en verkleinen we de kans op onduidelijkheden. Bovendien vertellen sommige deelnemers dat zij het een prettig idee vinden dat er bekenden aanwezig zijn tijdens de bezoeken.

Wij komen naar u toe 100-plus onderzoek

Bevestigingsbrief

Als we met u de bezoekmomenten afgestemd hebben, sturen wij u een brief ter bevestiging van de data en tijden. In deze brief staat wat er precies besproken gaat worden tijdens de bezoeken. Bij deze brief zijn tevens voor uw gemak een aantal vragenlijsten toegevoegd, zodat u hier alvast naar kunt kijken. Mocht het niet lukken om deze vóór de huisbezoeken in te vullen, laten wij een retourenvelop bij u achter zodat u deze vragenlijsten op een later tijdstip naar ons kunt opsturen.

Stamboom

Indien u dit in uw bezit heeft, vragen wij u een kopie klaar te leggen van de stamboom van uw familie.

Wat kunt u verwachten van onze bezoeken?

Het eerste bezoek

  • Erfelijkheid De onderzoeker neemt samen met u en uw familieleden een aantal vragen door over hoe oud uw ouders, broers en zussen zijn geworden, en of er bepaalde erfelijke aandoeningen bekend zijn in uw familie.
  • Medische geschiedenis De onderzoeker stelt u een aantal vragen over uw gezondheid, uw medische geschiedenis en uw woonsituatie.
  • Leefstijl De onderzoeker stelt u een aantal vragen over uw leefstijl zoals roken, drinken en slaapgewoonten.
  • Foto We vragen of we een foto mogen maken van uw gezicht en handen om de tekenen van veroudering in uw huid te onderzoeken.
  • Bloeddruk en knijpkracht We meten uw bloeddruk en de knijpkracht van uw handen.

Dit bezoek duurt ongeveer 2 uur.

Tenslotte bespreken we de mogelijkheid voor deelname aan de optionele onderdelen van het 100-plus Onderzoek.

100-plus onderzoek huisbezoek

Het tweede bezoek

  • Pen-en-papier tests De onderzoeker neemt een aantal mondelinge, en pen-en -papier tests af om uw geestelijke vermogens in kaart te brengen.
  • Bloed Om uw erfelijke materiaal en de samenstelling van uw bloed te onderzoeken, nemen wij ook een aantal buisjes bloed bij u af (ongeveer 70 ml). Wij hebben gecertificeerde bloedprikkers in ons team zitten. In sommige gevallen doen wij het bloedprikken zelf, andere keren vragen wij een gecertificeerde bloedprikker tijdens dit tweede bezoek bij u thuis langs te komen.

Dit bezoek duurt ongeveer 1,5 uur.

100-plus onderzoek thuis

100-plus onderzoek thuis testen

Jaarlijkse herhaalbezoeken

Wij willen graag weten hoe het na verloop van tijd met u gaat. Daarom zullen we ongeveer 1 jaar na ons eerste bezoek opnieuw contact met u opnemen en vragen of we u nogmaals mogen bezoeken. Wij nemen dan opnieuw een aantal mondelinge- en pen-en-papier tests af. In sommige gevallen vragen wij u opnieuw een aantal kleine buisjes bloed af te staan. Mocht dat in uw geval wenselijk zijn zullen wij dit vooraf aan u kenbaar maken.

Wij proberen jaarlijks een vervolgbezoek in te plannen, in principe tot aan uw overlijden. Als een bezoek te zwaar is kunt u dat uiteraard aangeven. We zullen dan, ter afsluiting van het onderzoek, uw naasten vragen of zij nog enkele vragenlijsten willen invullen over hoe het met u gaat.

Hoe doet de familie mee?

Doorgaans betrekken wij de familieleden en/of naasten van 100-plussers bij de beslissing om deel te nemen aan het onderzoek. Dit geeft ons de ruimte om aan te geven dat naast de 100-plussers, deelname van hun eerstegraads familieleden én hun partners van grote waarde is voor het onderzoek. Tijdens het maken van een afspraak met de 100-plusser, informeren we hierover. Wanneer kinderen van een 100-plusser en/of hun partners instemmen met deelname vragen wij hen aanwezig te zijn bij ons bezoek aan uw (schoon-) vader of moeder. Broers/zussen van 100-plussers en hun partners zullen wij thuis bezoeken.

Hoe doet de familie mee? 100-plusonderzoek

Wat houdt deelname in voor familieleden van 100-plussers?

Wij sturen u een brief waarin wij uw deelname aan het onderzoek én het tijdstip van ons bezoek bevestigen. In de brief leggen we uit wat er tijdens het bezoek besproken zal worden en dat er een aantal buisjes bloed bij u afgenomen zullen worden (ongeveer 70 ml). Wij vragen u ook een vragenlijst in te vullen over uw familie, uw medische geschiedenis, uw gezondheid, uw leefstijl (roken en drinken), werk en opleiding. Alleen bij de broers/zussen van de 100-plussers en hun partners zullen wij eveneens een korte mondelinge opdracht afnemen om het denkvermogen in kaart te brengen.

Herhaalbezoeken

Kinderen van 100-plussers en hun partners zullen wij niet volgen in de tijd.

Broers/zussen van 100-plussers en hun partner zullen we ongeveer een jaar na ons eerste bezoek opnieuw benaderen. We stellen u (of eventueel uw contactpersoon) dan telefonisch een aantal vragen over hoe het met u gaat en indien mogelijk zouden we graag telefonisch een testje afnemen. Eveneens vragen we of uw familie en/of naasten een korte vragenlijst over u willen invullen.

Hersenscan

Naast het in kaart brengen van uw geestelijke vermogens willen wij ook graag weten hoe uw hersenen eruitzien. Zijn er bijvoorbeeld veranderingen in de hersenen opgetreden tijdens het ouder worden? Om de hersenen bij leven te bekijken nodigen wij u uit in het ziekenhuis om een PET-MRI scan te ondergaan. Indien u hier interesse in heeft informeren we u hier graag nader over tijdens één van onze bezoeken. Het maken van een hersenscan is optioneel en is niet noodzakelijk voor deelname aan het onderzoek.

Isolatie van iPS cellen

Om te onderzoeken waarom uw lichaam zo veel sterker is dan het lichaam van vele anderen, kunnen we het gedrag van de bouwstenen van uw lichaam, uw cellen, in kaart brengen. Uit uw bloed kunnen we een aantal cellen selecteren en kunstmatig in leven houden in het laboratorium. Deze cellen noemen we ‘iPS’ cellen. Een verschil in het gedrag van uw cellen ten opzichte van cellen van bijvoorbeeld iemand die wèl dement werd, kan ons in de richting wijzen van een oplossing voor dementie. Ondanks dat u zo ontzettend oud bent geworden heeft u, naast dementie, ook een heleboel andere ziektes ontlopen. Daarom zijn uw iPS cellen niet alleen belangrijk bij het onderzoek naar dementie, maar voorzien we dat ze ook zeer waardevol zullen zijn voor het onderzoek naar andere (ouderdoms-) ziektes. Het genereren van iPS cellen uit uw bloed is optioneel en is niet noodzakelijk voor deelname aan het onderzoek. We hoeven hiervoor géén extra bloed bij u af te nemen.

Hersendonatie

  • Waarin zitten de verschillen? Eén van de zaken die we willen onderzoeken is of de samenstelling van úw hersenen anders is dan die van mensen die wél te maken krijgen met dementie. Om deze vraag te beantwoorden is het noodzakelijk om de samenstelling van het hersenweefsel van zowel gezonde 100-plussers, als mensen met dementie in kaart te brengen. Uw hersenweefsel is dan ook uitzonderlijk waardevol! Tijdens ons bezoek informeren wij over u over de mogelijkheid om na uw overlijden uw hersenen te doneren ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek. Hersendonatie is optioneel en niet noodzakelijk voor deelname aan het 100-plus Onderzoek.

Wij werken nauw samen met de Nederlandse Hersenbank en maken dankbaar gebruik van hun jarenlange expertise en ervaring op dit gebied. Wanneer u meer wilt weten over wat hersendonatie is en hoe het in zijn werk gaat kunnen wij u informatiemateriaal overhandigen zodat u een hersendonatie in overweging kan nemen.
> Meer informatie over hersendonatie

Donatie van feces (ontlasting)

In onze darmen bevinden zich veel verschillende soorten bacteriën, onze ‘darmflora’, die ons helpen met het verteren van ons voedsel. Tevens beschermen ze ons tegen schadelijke bacteriën. Maar recent onderzoek laten zien dat sommige darmbacteriën ook de afweer en de stofwisseling van onze hersenen kunnen beïnvloeden doordat ze signalen afgeven aan ons bloed. Onderzoek bij mens en dier laat zien dat de samenstelling van onze ‘darmflora’ een rol speelt in het ontstaan van de ziekte van Alzheimer, Parkinson, beroertes, suikerziekte en overgewicht. De vraag die zich opdringt: is de darmflora ook van invloed geweest om de met een heldere geest de 100 jaar te halen? Om dit te onderzoeken zouden wij graag een klein beetje van uw ontlasting verzamelen zodat we de samenstelling van de darmflora in kaart kunnen brengen. Wij kunnen u hierover nader informeren tijdens ons eerste bezoek bij u thuis. Het doneren van ontlasting is optioneel en niet noodzakelijk voor deelname aan het onderzoek.

Publicaties 100-plus Onderzoek

Overzicht van de 100-plus studie met daarin de omschrijving van de groep 100-plussers in de studie.

  • Artikel: 100 jarigen over Spaanse griep en Coronacrisis
    Kimberley van Vliet, Onderzoeker bij het 100-plus Onderzoek, Alzheimercentrum Amsterdam (Amsterdam UMC), 06-05-2020
  • The 100-plus Study of Dutch cognitively healthy centenarians: rationale, design and cohort description. Henne Holstege, Nina Beker, Tjitske Dijkstra, Karlijn Pieterse, Elizabeth Wemmenhove, Kimja Schouten, Linette Thiessens, Debbie Horsten, Sterre Rechtuijt, Sietske Sikkes, Frans van Poppel, Hanne Meijers-Heijboer, Marc Hulsman, Philip Scheltens. European Journal of Epidemiology. 2018 Oct 25.
    Click here
  • Neuropathologie: eerste artikel geschreven over de eerste 40 breinen die de 100-plussers geschonken hebben aan het onderzoek na hun overlijden.
    Neuropathology and cognitive performance in self-reported cognitively healthy centenarians. Ganz AB, Beker N, Hulsman M, Sikkes S, Netherlands Brain Bank, Scheltens P, Smit AB, Rozemuller AJM, Hoozemans JJM, Holstege H. Acta Neuropathol Commun. 2018 Jul 23;6(1):64.
    Click here
  • Genetica: in dit artikel wordt beschreven dat het erfelijk materiaal van niet-demente honderdplussers verrijkt is met erfelijke factoren die beschermen tegen dementie, terwijl hun erfelijk materiaal juist verarmd is met erfelijke factoren die de kans op dementie verhogen.
    Centenarian Controls Increase Variant Effect-sizes by an average two-fold in an Extreme Case-Extreme Control Analysis of Alzheimer’s Disease. Niccolò Tesi, Sven J van der Lee, Marc Hulsman, Iris E Jansen, Najada Stringa, Natasja van Schoor, Hanne Meijers-Heijboer, Martijn Huisman, Philip Scheltens, Marcel J.T. Reinders, Wiesje M. van der Flier, Henne Holstege. Eur J Hum Genet. 2018 Sep 26.
    Click here
  • Neuropsychologie: hoe presteren de 100-plussers binnen het 100-plus Onderzoek op cognitieve testen.
    Neuropsychological Test Performance of Cognitively Healthy Centenarians: Normative data from the Dutch 100-plus Study. Nina Beker, Sietske Sikkes, Marc Hulsman, Ben Schmand, Philip Scheltens, Henne Holstege. bioRxiv.
    Click here
  • Study protocol. ICC-dementia (International Centenarian Consortium – dementia): an international consortium to determine the prevalence and incidence of dementia in centenarians across diverse ethnoracial and sociocultural groups. Brodaty H, Woolf C, Andersen S, Barzilai N, Brayne C, Siu-Lan Cheung K, Corrada MM, Crawford JD, Daly C, Gondo Y, Hagberg B, Hirose N, Holstege H, Kawas C, Kaye J, Kochan NA, Hi-Po Lau B, Lucca U, Marcon G, Matin P, Poon LW, Richmond R, Robine JM, Skoog I, Slavin, MJ, Szewieczek J, Tettamanti M, Viña, J, Perls T, Sachdev PS. BMC Neurology. 2016, 16:52.
    click here
  • Somatic mutations found in the healthy blood compartment of a 115-yr-old woman demonstrate oligoclonal hematopoiesis. Holstege H, Pfeiffer W, Sie D, Hulsman M, Nicholas TJ, Lee CC, Ross T, Lin J, Miller MA, Ylstra B, Meijers-Heijboer H, Brugman MH, Staal FJ, Holstege G, Reinders MJ, Harkins TT, Levy S, Sistermans EA. Genome Res. 2014May;24(5):733-42.
    click here
  • Somatic mutations found in the healthy blood compartment of a 115-yr-old woman demonstrate oligoclonal hematopoiesis. Holstege H, Pfeiffer W, Sie D, Hulsman M, Nicholas TJ, Lee CC, Ross T, Lin J, Miller MA, Ylstra B, Meijers-Heijboer H, Brugman MH, Staal FJ, Holstege G, Reinders MJ, Harkins TT, Levy S, Sistermans EA. Genome Res. 2014May;24(5):733-42.
    click here
  • No disease in the brain of a 115-year-old woman. den Dunnen WF, Brouwer WH, Bijlard E, Kamphuis J, van Linschoten K, Eggens-Meijer E, Holstege G. Neurobiol Aging. 2008Aug;29(8):1127-32.
    click here
  • Neurofibrillary changes of the Alzheimer type in very elderly individuals: neither inevitable nor benign: Commentary on “No disease in the brain of a 115-year-old woman”. Del Tredici K, Braak H. Neurobiol Aging. 2008 Aug;29(8):1133-6.
    click here
  • Clinicopathologic correlates in the oldest-old: Commentary on “No disease in the brain of a 115-year-old woman”. Giannakopoulos P, Bouras C, Hof PR. Neurobiol Aging. 2008Aug;29(8):1137-9.
    click here
  • What does it take to stay healthy past 100?: Commentary on “No disease in the brain of a 115-year-old woman”. Price JL. Neurobiol Aging. 2008 Aug;29(8):1140-2.
    click here

Ik ben 95 en niet dement, kom ik in aanmerking voor deelname aan het 100-plus Onderzoek?

Het komt vaak voor dat mensen die de leeftijd van 100 jaar nog niet bereikt hebben ons benaderen om deel te nemen aan het 100-plus Onderzoek. Wegens de harde inclusiecriteria van het onderzoek moet u helaas wachten tot uw 100e verjaardag. Een uitzondering op deze regel is van toepassing als u broers en/of zussen heeft die de leeftijd van 100 jaar wel bereikt hebben.

Ik heb mij opgegeven voor het 100-plus Onderzoek, waarom hoor ik niets?

Het 100-plus Onderzoek is in korte tijd erg populair geworden onder 100-plussers. Wij doen er alles aan om de bezoekafspraak zo snel mogelijk te plannen, maar omdat dit enige tijd in beslag neemt duurt het momenteel langer dan wij graag zouden willen. Op dit moment zijn wij dan ook bezig om een extra onderzoeker aan te stellen om de ontstane wachtlijst weg te werken.

Kost deelname aan het 100-plus Onderzoek geld?

Deelname aan het 100-plus Onderzoek kost u niets. Wij komen naar u toe en regelen en betalen alles omtrent ons bezoek.

Wat krijg ik te horen over mijn erfelijk materiaal?

Wij weten op voorhand niet waarnaar wij op zoek zijn, dus kunnen wij ook niets terugkoppelen daarover. Wij kijken niet naar bekende erfelijke afwijkingen die te maken hebben met erfelijke ziektes, dit is per ziektebeeld zeer bewerkelijk en is niet de opzet van het onderzoek. Wij kunnen u dan ook geen antwoord geven op vragen over eventuele erfelijke afwijkingen binnen uw familie.

BEZOEK

Moeten al mijn kinderen tijdens het bezoek aanwezig zijn?

Nee, dit hoeft niet. Het is voor ons van groot belang dat uw deelname aan het 100-plus Onderzoek in het grootste vertrouwen gebeurt. Wij vragen daarom of één (of meer) van uw kinderen of vertrouwenspersonen aanwezig kunnen zijn tijdens het gesprek.

Is het bezoek eenmalig of volgen er meerdere bezoeken?

Wij bezoeken u twee keer aan huis. De eerste keer bezoeken wij u voor een interview over onder andere uw stamboom, genoten opleiding en ziektegeschiedenis. Bij het tweede bezoek nemen wij een aantal mondelinge testjes bij u af om uw geheugen in kaart te brengen. Na afloop van onze bezoeken komt ook iemand van de trombosedienst bij u thuis langs om wat bloed af te nemen voor de DNA-analyses.

BLOEDAFNAME

Ik wil geen bloed laten afnemen, kan ik dan toch meedoen?

Nee, dan kunt u helaas niet aan dit onderzoek meedoen. Doel van het 100-plus Onderzoek is het onderzoeken van erfelijk materiaal en daarvoor hebben wij van alle deelnemers een monster van het erfelijk materiaal nodig. Dit halen wij uit de bloedcellen. Voor deelname aan het 100-plus Onderzoek moet u daarom instemmen met bloedafname (bij u thuis).

Moet ik nuchter zijn voor het bloed prikken?

Nee, u hoeft tijdens het bloedprikken niet nuchter te zijn. De bloedafname is noodzakelijk omdat er erfelijk materiaal in uw bloedcellen aanwezig is, en dit wordt niet beïnvloed door voedselinname.

HERSENDONATIE

Ik wil mijn hersenen doneren ten behoeve van het 100-plus Onderzoek, maar een van mijn kinderen wil dat niet.

Als een van uw kinderen of een andere geliefde niet akkoord gaat met uw hersendonatie dan moet u dit met hen bespreken. Juridisch gezien mag alleen uzelf beslissen over hersendonatie, maar uiteraard verloopt de donatie procedure een stuk prettiger als er binnen uw gezin. Hersendonatie is niet verplicht voor deelname aan het 100-plus Onderzoek.

Hoe gaat een hersendonatie in zijn werk?

Kort samengevat houdt hersendonatie in dat de overledene kort na overlijden (binnen 12 uur) per uitvaartvervoer overgebracht zal worden naar Amsterdam UMC waar een team artsen klaar zal staan voor obductie (het uitnemen) van de hersenen. Daarna wordt de ontstane ruimte weer opgevuld zodat er, behalve een pleistertje in de nek, niets te zien is van de donatie. Het opbaren van de overledene blijft gewoon mogelijk na de hersendonatie. Aan het eind van de dag wordt de overledene weer per uitvaartvervoer terug gebracht naar een plek naar wens: de woning of een uitvaartcentrum bijvoorbeeld. De overledene is meestal binnen een dag weer terug, in het meest ongunstige geval is de overledene 24 uur na vertrek weer terug.
> Lees hier meer over hersendonatie

Partner: TU Delft

Sponsoren: Marcel Boekhoorn (Nederlands ondernemer en investeerder), AEGON, LeasePlanTravelcard

Telefoon

Wij zijn telefonisch bereikbaar op 020 444 5276

Krijgt u ons antwoordapparaat aan de telefoon?

De medewerkers van het 100-plus onderzoek zijn dikwijls op pad door het hele land op bezoek bij 100-plussers. Daarom kan het zijn dat er niemand aanwezig is om de telefoon op te nemen. Mocht u ons antwoordapparaat aan de telefoon krijgen, spreekt u dan vooral een boodschap in en vermeld wanneer en op welk telefoonnummer wij u kunnen bereiken. Zodra wij weer aanwezig zijn luisteren wij het bandje af en bellen wij u zo spoedig mogelijk terug. Een email sturen is uiteraard ook mogelijk.

E-mail

100plus@vumc.nl

Postadres

Alzheimercentrum Amsterdam
T.a.v. 100-plus onderzoek
Postbus 7057
1007 MB Amsterdam

Top
Volg ons via