Alzheimercentrum Amsterdam

Het beloop van dementie

Over het algemeen worden de verschijnselen van dementie geleidelijk ernstiger. Dat strekt zich vaak uit over jaren. U zult merken dat u steeds meer aangewezen raakt op de hulp van anderen. Hieronder worden een aantal veelvoorkomende verschijnselen genoemd die kunnen optreden bij de verschillende vormen van dementie met tips hoe hier mee om te gaan.

Geheugenstoornis

Vaak treedt vergeetachtigheid op. Het gaat hierbij vooral om het korte termijn geheugen, dingen die u net hebt meegemaakt of gehoord. Na het zien van de voetbalwedstrijd vergeet u de uitslag, of u weet niet meer wie er gisteren op bezoek is geweest.

Tips voor u en uw naaste:

  • als u weggaat: schrijf op waar u heen gaat en zorg ervoor dat u uw huisadres ergens hebt opgeschreven. Houdt het bij u;
  • gebruik agenda’s en kalenders waarbij de dagen die geweest zijn worden doorgestreept;
  • geef uw spullen zoveel mogelijk een vaste plek;

Angst en onrust

Bij dementie kunt u nerveus, bezorgd of bang worden zonder dat daar een duidelijke reden voor is. Dit kan komen doordat u minder ‘grip’ hebt op dagelijkse gebeurtenissen. U weet niet goed meer hoe u iets moet aanpakken, of u herkent iets of iemand niet meer. U kunt bang zijn om alleen gelaten te worden. U kunt zich onrustig voelen, waardoor u bijvoorbeeld ‘druk’ gedrag gaat vertonen.

Tips voor u en uw naaste:

  • zorg samen voor een veilige, rustige en vertrouwde omgeving;
  • voor uw mantelzorger is het belangrijk om u gerust te stellen.
  • neem de oorzaak van de angst of onrust weg als dat kan. Vaak kunnen vertrouwde voorwerpen, zoals foto’s of uw eigen stoel een gevoel van vertrouwen en rust geven;
  • soms zijn medicijnen de enige manier om u van de angst en onrust af te helpen. Uw specialist of huisarts kunnen u hier meer over vertellen.

Verdriet en lusteloosheid

Het kan voorkomen dat u minder controle over uw gevoel heeft. U kunt soms anders reageren dan men van u gewend is. Soms bent u bijvoorbeeld onverschillig of snel verdrietig, sneller van slag of minder juist begaan met wat er om u heen gebeurt. Het kan ook zijn dat het u ontbreekt aan initiatief om aan iets nieuws te beginnen en dat u tot niets meer komt.

Tips voor u en uw naaste:

  • uw mantelzorger kan u helpen door u te steunen en u een zekerder gevoel te geven;
  • probeer om samen dingen te doen. Dit geeft afleiding en soms verlegt dit de aandacht naar iets vrolijks. Verder is het van belang om dingen te ondernemen;
  • ook bewegen helpt bij het verbeteren van de stemming. Er zijn veel verschillende vormen van beweging mogelijk. Een prettige bijkomstigheid van bewegen is dat u dit samen met anderen kunt doen. Dit zorgt voor contact.
  • Afleiding helpt en activiteiten zoals dagbesteding helpen om deze afleiding op een veilige manier te vinden.

Verstoring van het dag-nachtritme

Het kan voorkomen dat u ‘s nachts erg onrustig wordt. U kunt dan in de nacht wakker worden en in de war zijn. U kunt uit bed stappen en door het huis gaan lopen en door uw verwarring de weg kwijt raken. Soms beseft u niet eens dat het nacht is. Door het gebrek aan nachtrust en onrustig slapen kunt u vermoeid raken.

Tips voor u en uw naaste:

  • wanneer u in de nacht vaak onrustig bent, kan het dag-nachtritme omdraaien: overdag slapen en ‘s nachts wakker zijn. U kunt proberen om dit ritme opnieuw om te draaien; ga overdag naar buiten, ga op bezoek, stap op de fiets, luister naar muziek, kijk televisie of doe andere activiteiten;
  • zorg voor regelmaat: Hou vaste tijden aan voor het opstaan en naar bed gaan;
  • probeer te voorkomen dat u ‘s nachts wakker wordt: ga niet te vroeg naar bed, zorg voor een donkere slaapkamer met nachtlampjes en een lekker bed. Eet geen zware maaltijden net voordat u gaat slapen;
  • geen losse kleedjes of andere voorwerpen op de vloer laten liggen;
  • in sommige gevallen zijn er medicijnen tegen deze symptomen.

Ontremming

Het vervagen van fatsoensnormen heet ook wel ‘decorumverlies’ of ‘ontremming’. Dat wil zeggen dat iemand vergeet wat wel en niet ‘hoort’. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat u grove taal gaat gebruiken, terwijl u dat nooit hebt gedaan. Of het komt voor dat uw tafelmanieren verdwijnen. Deze uitingen hebben echter niets met u te maken maar met het feit dat u een hersenziekte heeft.

Tips voor u en uw naaste:

  • het helpt als iedereen zich realiseert dat uw gedrag een gevolg is van uw ziekte. Het is niet tegen anderen gericht;
  • het is belangrijk om te weten dat boos worden niet helpt. Het enige resultaat is een slechte sfeer. Blijf kalm;
  • uw gedrag is meestal onschuldig. Er steekt geen kwaad in. Natuurlijk is het vervelend wanneer er gênante situaties ontstaan, maar het helpt vaak al om uit te leggen dat u dementie hebt. Daardoor ontstaat begrip.

Hallucinaties

Wanneer u iets waarneemt wat er in werkelijkheid niet is, wordt dit een ‘hallucinatie’ genoemd. U kunt bijvoorbeeld beelden zien of geluiden horen die er in werkelijkheid niet zijn. Dit kan u angstig maken. Het kan ogenschijnlijk iets heel ‘onschuldigs’ zijn: u ziet bijvoorbeeld de kinderen in de keuken, terwijl ze het huis al lang uit zijn of u ziet een boom aan voor een man. De hallucinaties kunnen ook heel levendig zijn. Het kan voor anderen moeilijk zijn om met deze hallucinaties om te gaan, omdat zij niets zien. Neem bij veelvuldig optreden van hallucinaties tijdig contact op met uw huisart of specialist.

Tips voor u en uw naaste:

  • voor u is het belangrijk dat u probeert rustig te blijven en niet ‘mee’ te gaan in de hallucinatie;
  • zorg voor goede verlichting bij schemering;
  • haal voorwerpen weg die voor iets anders of iets engs worden aangezien;
  • voor uw mantelzorger is het belangrijk om zich te realiseren dat hallucinaties voorkomen en dat deze een symptoom zijn bij dementie. Het kan helpen om u proberen af te leiden;
  • in sommige gevallen zijn er medicijnen tegen hallucinaties.

Ziektebesef

Vaak is het voor u moeilijk om de ziekte te begrijpen en de gevolgen te overzien. U zult ook niet altijd beseffen dat u ziek bent. U merkt daarom ook niet altijd dat u ‘achteruit’ gaat. In het begin van het ziekteproces kunt u nog goed onder woorden brengen wat er in u omgaat en wat de ziekte met u doet. Na verloop van tijd zal het lastiger worden, wat het voor uw omgeving niet altijd eenvoudig maakt om te begrijpen hoe het met u gaat.

Heeft u nog vragen

Als u nog vragen heeft na het lezen van de informatie dan kunt u altijd contact opnemen met het Alzheimercentrum voor een persoonlijk gesprek.

Top
Volg ons via