De ruggenprik
Een ruggenprik (lumbaalpunctie) is een onderzoek waarbij een hele kleine hoeveelheid (ongeveer 10 cc) hersenvocht (liquor) wordt weggehaald. Het onderzoek van liquor kan informatie opleveren over aandoeningen van de hersenen, het ruggenmerg en de zenuwwortels
Rond de hersenen en het ruggenmerg zitten vliezen. Tussen deze vliezen zit de liquor. Dit hersenvocht dient als een soort stootkussen om de hersenen en het ruggenmerg te beschermen. Het ruggenmerg wordt verder beschermd door de wervelkolom.
De ruggenprik wordt verricht ter hoogte van het onderste gedeelte van de wervelkolom, waar met een hele dunne naald in de liquorruimte wordt geprikt om zo wat liquor weg te halen.
In het gedeelte waar geprikt wordt bevindt zich geen ruggenmerg, alleen liquor. Er bestaat dus geen gevaar voor beschadiging van het ruggenmerg.

Voorbereidingen op de ruggenprik en het onderzoek
- Bij dit onderzoek ligt u meestal op uw zij met een bolle rug. U moet uw neus zoveel mogelijk naar uw knieën brengen. De bolling van uw rug is nodig omdat op deze manier de ruimte tussen de ruggenwervels van de wervelkolom zo groot mogelijk wordt, zodat het onderzoek goed uitgevoerd kan worden.
- Uw rug wordt daarna met jodium ingesmeerd. Dan wordt met een hele dunne naald in het onderste gedeelte van de wervelkolom, tussen de lendenwervels geprikt.
- Dit prikken is meestal niet pijnlijker dan een bloedprik in uw arm.
- Een enkele keer lukt het niet de juiste plaats direct te vinden. De naald wordt dan opgeschoven. Soms geeft dit heel even een pijnlijk gevoel.
- Als de naald goed zit duurt het een paar minuten voor er voldoende vloeistof is afgenomen voor het onderzoek.
- Het afnemen van vloeistof doet geen pijn.
- Wanneer voldoende vloeistof is afgenomen (ongeveer 10 cc) wordt de naald weer verwijderd.
Na het onderzoek
Heel soms kan het voorkomen dat u hoofdpijn krijgt na het onderzoek. Deze hoofdpijn is onschuldig en verdwijnt meestal als u gaat liggen. Het kan voorkomen dat de hoofdpijn enige dagen aanhoudt.